Mind the gap

Ik ging met V naar Londen. Het was een van onze eerste reisjes zonder ouders. Op gympen en met rugtas trokken wij door de Engelse hoofdstad. We aten onze meegebrachte krentenbollen in Hyde Park, verbaasden ons over het linksrijdend verkeer (en de opschriften op straat bij de oversteekplekken: look left/look right), kochten maskers van Charles en Camilla en misten Changing of the guards doordat we te laat opstonden na een nachtelijk theaterbezoek.

Na drie dagen ondergedompeld te zijn in het Londense leven verzuchtte V; “Toch bijzonder dat de mensen hier zo milieubewust zijn.” De rode dubbeldekker bus die ons passeerde stootte een wolk roet uit. Ik keek haar aan met opgetrokken wenkbrauwen. “Elke keer als we de metro uitstappen, wordt er omgeroepen ‘Mind the gap'”, legde ze uit. Ik had drie dagen lang begrepen dat men ons attent probeerde te maken op het gat tussen de metro en het perron. V dacht bij elke halte aan het gat in de ozonlaag.