Mijn top 10 boeken, gelezen in 2017*

Ik las in dit jaar 120 boeken. Alles wat ik lees, voeg ik toe aan de app Goodreads en geef ik een rating. Hieronder mijn top 10 boeken, gelezen in 2017.

1. A.F.Th. van der Heijden – Kwaadschiks
2. Mitch Albom – Vijf ontmoetingen in de hemel
3. Jesús Carrasco – De grond onder onze voeten
4. Arthur Japin – Kolja
5. Dan Brown – Oorsprong
6. Audrey Niffenegger – De vrouw van de tijdreiziger
7. Charlotte Wood – Ontregeld
8. Jonny Steinberg – Een man van goede hoop
9. A.M. Homes – Vergeef ons
10. Alfred Birney – De tolk van Java

*Ik heb deze boeken in 2017 gelezen, het is heel goed mogelijk dat ze eerder verschenen zijn.

God jul

Ik kocht bij IKEA een kast. Bij thuiskomst, na het openritsen van de kartonnen verpakking, het tellen van de schroefjes, haakjes, houten pinnetjes, inbussleutels, plankjes en deurtjes, bleek dat er een poot ontbrak. Daarom zit ik nu bij de klantenservice van IKEA. Het is elf uur. Ik heb nummer N036 en op het scherm staat volgnummer D345. Ik heb het systeem nog niet onder de knie en geen idee of ik nog vijf minuten of drie uur moet wachten voordat ik aan de beurt ben. Een ding is zeker: het is 24 december, IKEA sluit vandaag om vijf uur. Lees verder

Agnes

Ze bracht haar hand naar haar neus en rook eraan. Voorzichtig pelde ze de buitenste, bruine blaadjes eraf en stopte het spruitje terug in haar oor. Vanachter de bar keken wij toe. Het spruitje leek de muziek niet te dempen want ze tikte met haar bruin leren schoen ritmisch mee op de moderne panfluitmuziek. In een teug slobberde ze het glas bier leeg en zette het Grolsch glas terug op het viltje van Brouwerij ‘T IJ. Lees verder

Wie de tak over de hemel gooit en andere gezegden

Mijn broer bedacht ooit: ‘Wie de tak over de hemel gooit, krijgt de boom op z’n kop.’ Een uitdrukking die wij in de familie sindsdien te pas en te onpas gebruiken als andere woorden te kort schieten. Meer mensen om mij heen blijken een voorkeur te hebben voor het gebruik van een bepaald gezegde, soms bestaand, soms zelf verzonnen. Maar juist deze, niet veel gebruikte gezegden doen mij steeds weer glimlachen.

Zorg dat je altijd vol op het orgel gaat.

In tijden van nood, smaakt kaas ook zonder brood.

Het leven is te kort om vieze dingen te doen.

Het is vandaag duveltjeskermis.

Familie en vis blijven drie dagen fris.

Het is als kat en hond.

Mooie liedjes duren nooit lang.

Aaf en ik

Op de universiteit las ik in studentenblad Folia de eetrubriek van Aaf Brandt Corstius. En als ik niet zelf met stapels borden en glazen van tafel naar tafel ploeterde, ging ik uit eten in de door haar aangeraden hippe daghap-studentententjes.

Lees verder

Bijzondere boektitels

De meeste boeken hebben een korte titel. Vaak volstaat de naam van de hoofdpersoon: Paula, Papillon, Anna Karenina, Kolja, Mathilde, Eva Luna. Of is een titel meer beschrijvend: De vlucht, Het diner, De vliegenvanger, Een mooie jonge vrouw, De kathedraal van de zee.

Soms kom ik echter bijzondere, prachtige of absurde boektitels tegen, waarbij de titel zelf al een verhaal is: Lees verder

Mooie mannen

Toen ik een jaar of 15 was en mijn eerste stappen zette in het plaatselijke uitgaanscircuit, had ik, het meisje wat het verst van het centrum woonde, het geluk dat mijn beste vriendinnetje bij de meest populaire kroeg om de hoek woonde. Dus bleef ik elke vrijdag bij haar slapen. Lees verder

Fietsvisjes

In Amsterdam leven grote groepen mensen die het slopen van fietsverlichting tot een hobby hebben verheven. Ik verdenk HEMA ervan deze mensen stiekem in dienst te hebben, want HEMA vaart hier wel bij door de exponentiele verkoop van losse fietslichtjes in de vorm van visjes. Diezelfde grote groep mensen lijkt ook ingehuurd om vergeten fietsvisjes van fietsen af te peuteren om de verkoop nog wat op te krikken. Kortom, de gemiddelde Amsterdammer staat minstens één keer per week bij de HEMA-kassa met een verpakking met daarin één wit en één rood lichtje. Echte slimmerds kopen meerdere verpakkingen tegelijk en leggen een voorraad aan. Lees verder

Naam

Sommige mensen ken je al heel lang zonder echt contact te hebben.

Ze noteert mijn nummer in haar telefoon.
‘Wat is eigenlijk precies je voornaam? De een noemt je San, de ander Alexandra, Sandra of Sanne.’
‘Sandra. En zal ik mijn achternaam voor je spellen?’
‘Nee hoor, Terschegget weet ik wel.’